A. meetkundige berekeningen

  • Ik kan rekenen met de goniometrische verhoudingen sinus, cosinus en tangens in een rechthoekige driehoek.
  • Ik kan hoeken en zijden in een willekeurige driehoek berekenen met de sinusregel.
  • Ik kan hoeken en zijden in een willekeurige driehoek berekenen met de cosinusregel.
  • Ik kan berekeningen doen in meetkundige figuren door gebruik te maken van gelijkvormigheid.
  • Ik ken de 45°-45°-90°-driehoek en de 30°-60°-90°-driehoek. Ik weet hoe je daarbij snel en handig onbekende zijn uit kunt rekenen. Ik kan met deze driehoeken ook de goniometrische verhoudingen uitrekenen van de veelgebruikte hoeken.
  • Ik kan met behulp van de richtingshoek en de tangens de hoek uitrekenen tussen twee gegeven lijnen.
  • Ik weet dat je soms met de zijde$\times$hoogte-methode handig de onbekende lengtes (bijvoorbeeld een hoogtelijn) in een driehoek uit kunt rekenen.
  • Ik kan in meetkundige figuren (bijvoorbeel bij de bijzondere driehoeken) vergelijkingen opstellen en die vergelijkingen oplossen om onbekende zijden uit te rekenen.
  • Bij het opstellen van vergelijkingen bij meekundige figuren gebruik je vaak de stelling van Pythagoras.
  • Ik kan de onderlinge ligging van twee willekeurige lijnen bepalen.
  • Ik kan van twee gegeven lijnen de onderlinge hoek bepalen.
  • Ik kan van een gegeven punt en lijn de onderlinge afstand bepalen.
  • Ik ben op de hoogte van de cirkelvergelijking. Ik kan een willekeurige vergelijking m.b.v. kwadraatafspliten omzetten in de standaard vorm $(x-a)^2+(y-b)^2=r^2$ waarbij $M(a,b)$ het middelpunt is van de cirkel en $r$ gelijk is aan de straal.
  • Ik kan van een willekeurig punt en een cirkel de afstand bepalen of het punt binnen of buiten de cirkel lig en ik kan de afstand bepalen van het punt tot de cirkel.
  • Ik kan van een willekeurige lijn en cirkel de afstand bepalen van de lijn tot de cirkel.
  • Ik kan een vergelijking opstellen van een cirkel als het middelpunt van de cirkel gegeven is en een raaklijn aan de cirkel.
  • Ik kan een vergelijking opstellen van een raaklijn bij een gegeven cirkel en een punt op cirkel waar de lijn raakt.
  • Ik kan een vergelijking opstellen van de raaklijn bij een gegeven cirkel en een gegeven richting van de raaklijn.

Algemene aanwijzingen
  • Dit hoofdstuk bouwt verder op hoofdstuk 7 uit deel 2. Het is echt noodzakelijk de kennis uit hoofdstuk 7 te beheersen.

Website

©2004-2021 W.v.Ravenstein